eveneens voor de veertiende zondag na Trinitatis

bwv 17 wer Dank opfert, der preiset mich

bwv 25 es ist nichts Gesundes an meinem Leibe


Een cantate uit de periode in Leipzig. Wie deze cyclus via de chronologie volgt die weet het inmiddels; tussen 1732 en 1744 ontwikkelt en perfectioneert Bach de vorm van de koraal-cantate. De essentie van deze vorm is dat de gehele tekst van het koraal de basis vormt van de cantate. De twee steunpilaren zijn de opening, altijd een grote koraalfantasie en het laatste deel dat het koraal presenteert in zijn onbewerkte zetting. De aria's en bewerkingen daartussenin interpreteren elk een andere strofe van de hymne en vormen variaties van en tegenmelodien van het koraal. De bewerking is vaak zo vrij dat soms alleen een enkele frase afkomstig lijkt te zijn van de oorspronkelijke koraalmelodie. Toch zal de luisteraar het gevoel hebben dat er geen moment is voorbijgegaan gedurende welke hij niet het koraal gehoord heeft, is het niet in zijn materiele gedaante dan wel in de geest waar deze voor staat. 

Cantate 78 opent met een magnifieke koraal-fantasie. Het basismateriaal van het koraal wordt vergezeld van een treffend thema van vier maten, chromatisch steeds een kwart dalend. Bach heeft dit thema eerder gebruikt o.a. in het crucifixus van de mis in B. Het deel start met opeenvolgende orkestrale en koorpassages en bereikt een climax waarin de volledige mogelijkheden van koor en orkest worden benut waarbij de meest gecompliceerde melodische vondsten in beweging gezet worden. 

Het tweede deel, een duet voor sopraan en alt is melodisch gezien een van de meest betoverende stukken door Bach geschreven. Het volgende hartbrekende tenorrecitatief, waarin de zondaar in zijn diepste boetvaardigheid wordt afgebeeld opent weer een andere emotionele laag en de tenoraria die hierop volgt vergezeld van een obligate fluit voorziet in een troostend antwoord. 

Ongetwijfeld werd deze aria gevolgd door de preek, die mogelijk werd besloten met een referentie aan het lijdensverhaal. Het is die gedachte aan het lijden van Christus die de bas dan verwoord in de openingswoorden van zijn intens dramatisch begeleid recitatief 'Die Wunden, Nagel, Kron und Grab'. Dan volgt de bas-aria, met een stemming van sereniteit en vertrouwen. Het wordt gevolgd door het slotkoraal. 

Maarten zegt dat deze ernstige cantate -op het onvolprezen duet na- de sfeer ademt van de Matthäuspassion; wat een openingskoor! Het duet wordt beschreven door Vestdijk: 'Een van de bekoorlijkste stukken die Bach schreef, alles zeldzaam welluidend, aangrijpend en geestig.' Het is de vraag, zegt vervolgens Maarten, of het goed is om, gewapend met deze voorkennis naar cantates te gaan luisteren. Wellicht is het beter eerst onbevangen te luisteren en achteraf je mening te toetsten aan die van anderen (zoals ik het doe dus). Vooral als een compositie reeds van de hoogste lof voorzien werd voor je hem hoort, kan het eigemlijk alleen maar tegenvallen. Bij dit duet was daar echter geen sprake van. Al wie denkt dat Bach 'zwaar' is zou deze gracieuze, tintelende muziek moeten horen. 

Bij eerste beluistering heb ikzelf het openingskoor nooit zo kunnen waarderen en het beschreven als 'langdradig'. Pas na het beluisteren van de promotie-CD van Christ waar het schitterende alt-sopraan-duet op voorkomt ben ik me gaan interesseren voor deze cantate. En ja, als ik dan later de hele cantate bij Rilling hoor dan ben ik veel enthousiaster en reken ik het duet direct tot de pronkjuwelen. Maar niet alleen het duet is mooi, prachtige solisten, prachtige aria's, prachtige opnames. Wat een verschil met de wezenloze uitvoering van Harnoncourt. 

Ik heb nog een uitvoering, nl. uit 1953; Vienna State Opera Orchestra and Choir, we hoorden hen ook al bij BWV 76. Het prachtige duet klinkt hier plotsklaps log en zwaar door de begeleiding; een werkelijk gigantisch orgel. De tenor is ouderwets toegewijd en intens in zijn manier van zingen. Een uitvoering uit negentienvierenvijftig, wat wil je? Mooi om dit erbij te hebben. En er is nog een uitvoering onder Suzuki. Prachtig maar beschaafd, zelfs het duet. 








 


beluister hier het duet  >> en ga hier verder naar BWV 99 >>  de cantates