eveneens voor de veertiende zondag na Trinitatis

bwv 17 wer Dank opfert, der preiset mich

bwv 25 es ist nichts Gesundes an meinem Leibe




Een cantate uit Leipzig. We weten inmiddels dat Bach langdurig bezig is geweest met het ontwikkelen en perfectioneren van de koraalcantate en daar is deze cantate weer een voorbeeld van. De essentie van deze vorm is dat de gehele tekst van een bestaand kerklied (het koraal) de basis vormt van de cantate en dus een herkenning biedt aan de kerkganger/luisteraar. De twee steunpilaren zijn de opening, altijd een grote koraalfantasie, en het laatste deel dat het kerklied opnieuw presenteert maar nu in een onbewerkte zetting. De aria's en bewerkingen daar tussen in interpreteren elk een andere strofe van de hymne en zijn variaties op het koraal. De bewerking is vaak zo vrij dat soms alleen een enkele frase afkomstig lijkt te zijn van de oorspronkelijke koraalmelodie. Toch heb je als luisteraar steeds het gevoel voortdurend iets van het koraal terug te horen, is het niet in zijn materiële gedaante dan wel in de geest waar deze voor staat. 

 

Cantate 78 opent met een werkelijk magnifieke koraal-fantasie. Het basismateriaal (het oorspronkelijke koraal dus) gaat hier vergezeld van een plechtig thema van vier maten, chromatisch steeds een kwart dalend. Bach heeft dit thema eerder gebruikt o.a. in het crucifixus van de mis in B. Dit deel is een opeenvolging van orkestrale en koorpassages en bereikt een climax waarin de mogelijkheden van koor en orkest volledig worden benut met daarbij de meest gecompliceerde melodische vondsten. 

Het tweede deel, een duet voor sopraan en alt is melodisch gezien een van de meest betoverende stukken door Bach geschreven. Het daarop volgende tenor-recitatief, waarin de zondaar in zijn diepste boetvaardigheid wordt afgebeeld opent weer een heel andere emotionele laag en de tenor-aria die hierop volgt vergezeld van een obligate fluit voorziet in een troostend antwoord. 

Ongetwijfeld werd deze aria in Leipzig gevolgd door de preek, mogelijk werd die besloten met een referentie aan het lijdensverhaal. Want de gedachte aan het lijden van Christus wordt door de bas verwoord in de openingswoorden van dat intens dramatisch recitatief 'Die Wunden, Nagel, Kron und Grab'. Daarop volgt zijn aria die weer in een heel andere stemming verder gaat; er is sereniteit, er is vertrouwen. En dan volgt het koraal.


Maarten zegt dat deze ernstige cantate -op het onvolprezen duet na- de sfeer ademt van de Matthäus Passion; wat een openingskoor! En het daarop volgende duet moet gehoord worden door een ieder die meent te weten dat Bach 'zwaar' is. Men zou  deze gracieuze, tintelende muziek moeten horen die eerder aldus werd beschreven door Vestdijk: 

'Een van de bekoorlijkste stukken die Bach schreef, alles zeldzaam welluidend, aangrijpend en geestig.' 

Het is de vraag, zegt vervolgens Maarten, of het eigenlijk wel goed is om, gewapend met deze voorkennis naar cantates te gaan luisteren. Wellicht is het beter eerst onbevangen te luisteren en achteraf je mening te toetsen aan die van anderen. Vooral als een compositie reeds van de hoogste lof voorzien werd voor je hem hoort, kan het eigenlijk alleen maar tegenvallen. Bij dit duet was daar echter geen sprake van. 

Ik hoor deze cantate bij Rilling en ik reken het duet direct tot de pronkjuwelen. Wat een heerlijk stuk! Maar niet alleen het duet is mooi, prachtige solisten zijn het, prachtige aria's, prachtige opnames. Wat een verschil met de, eerder beluisterde,  wezenloze uitvoering van Harnoncourt. Ik bezit nog een andere uitvoering, afkomstig uit de zeer oude doos; het Vienna State Opera Orchestra and Choir. Het prachtige duet klinkt hier plotsklaps log en zwaar dankzij de begeleiding; een werkelijk gigantisch kerkorgel. De tenor is hier ouderwets toegewijd en zeer intens in zijn manier van zingen. Ach ja, een uitvoering uit negentienvierenvijftig, wat wil je? Mooi om dit erbij te hebben. En er staat in de kast ook nog een uitvoering onder Suzuki. Prachtig maar beschaafd, zelfs dat duet. 


 

 


beluister hier het duet  >> en ga hier verder naar BWV 99 >>  de cantates