ook voor de achtste zondag na Trinitatis

bwv 136 erforsche mich, Gott, und erfahre mein Herz

bwv 178 wo Gott der Herr nicht bei uns hält


De eerste twee jaren in Leipzig componeert Bach zo'n 150 cantates (dat is meer dan één per week) maar daarna vertraagt zijn tempo. In het voorjaar van 1726 stopt hij enige tijd met componeren. Hij voert dan wel cantates uit maar maakt gebruik van 18 cantates van zijn neef Johann Ludwig uit Meiningen, zo'n tien jaar eerder geschreven op teksten, waarschijnlijk afkomstig van zijn broodheer, de graaf van Saksen-Meiningen. Deze teksten bevallen Johann Sebastian blijkbaar zodanig dat hij, als hij medio 1726 weer zelf begint te componeren, een reeks cantates schrijft op teksten uit diezelfde bundel. Deze ‘Meininger cantates’ hebben als gemeenschappelijk kenmerk dat ze uit twee delen bestaan: een Oud-Testamentische en een Nieuw-Testamentische bijbeltekst, beide gevolgd door een recitatief en een aria. Zo krijgen zij een symmetrische structuur, met de Nieuw-Testamentische tekst in het midden: 

Bijbel OT - Rec. - Aria - Bijbel NT - Aria - Rec. - Koraal 

Bij deze tweedelige cantates wordt de eerste helft vóór en de tweede na de preek uitgevoerd. 

In cantate 45 treffen we fragmenten aan (in deel II) uit de door Jezus uitgesproken ‘bergrede’. Deze woorden vormen de kern van deze cantate en de Oud-Testamentische woorden van de profeet Micha die wij aan het begin horen (‘Es ist dir gesagt, Mensch was gut ist') ontlenen daar hun betekenis aan. 

Toch wil Bach als omlijsting van de cantate een tutti bezetting krijgen en dus geeft hij de opening (hoewel dat een nogal secundaire tekst is uit het Oude Testament) aan het koor terwijl hij de Evangelietekst nu juist arioso laat uitvoeren in een kleinschalige bezetting. Maar in beide portretteert hij de tekst op verschillende manieren. In het arioso (4) geeft hij aan de bas de rol van de Vox Christi. Dynamische figuren in de strijkers verlenen hier een welhaast krijgshaftige nadruk aan Jezus’ gepassioneerde woorden. Als contrast daarmee maakt Bach van het openingskoor met die tekst uit de profeten een hoogst ingewikkelde fuga met een soort dubbele prelude. Het hele stuk wordt opgebouwd vanuit een simpel motief met een anapestisch rijmschema geheel gebaseerd op het ritme van de zin ‘Es ist dir gesagt’. Op dit motief wordt eerst geanticipeerd in de instrumentale introductie, vervolgens wordt het beurtelings overgenomen door alle partijen in het koor en we horen het dan terug in nadrukkelijk beklemtoonde akkoorden. Vervolgens ontwikkeld het zich tot een fugatisch thema, echter gebruikt Bach slechts de eerste helft van de tekst. Daarna zingt het koor het woord ‘nämlich’ in zeer nadrukkelijke akkoorden. Dan komt hij weer terug op het genoemde motief ‘Es ist dir gesagt’ maar hij laat nu de laatste klank ‘-sagt’ langer doorklinken en verplaatst daardoor de aandacht naar het woord ‘halten’. Tegelijkertijd treedt nu het concertante karakter in de compositie weer sterker naar voren. Zo wordt een eigenlijk zeer onspectaculaire, zeg maar alledaagse zondagse schriftlezing verklankt in een buitengewoon complex en rijk geornamenteerd muziekstuk. 

De tenor-aria (3) heeft veel weg van een menuet. Maar de groot bezette strijkersbegeleiding en de vaak wisselende ritmes dienen eerder om het contrast te belichten tussen de dansante zetting en de tekst die juist nogal dreigend is met woorden als ‘Scharfe Rechnung’ en ‘Qual und Hohn’. 

De alt-aria (5) is daarmee in contrast en verbeeldt troost en zekerheid. Ofwel gezamenlijk of beurtelings, maar altijd consistent gaan fluit, continuo en stem rustig wandelend voort. Uiteindelijk bieden het laatste recitatief en het koraal ontspanning en kalmte. 


Niet zo heel indringend vond en vind ik BWV 45. De dreiging van zonde en schuld blijft in deze cantate wel erg lang hangen. Het arioso (de Vox Christi) waarmee deel II begint heeft wel een opgewekt, zelfs dansant karakter maar de muziek past in feite in het geheel niet bij de tekst. Het is heerlijke muziek, dat wel, maar het blijft eigenaardig dat Bach, anders dan bij de tenor-aria geen enkele moeite gedaan heeft de muziek bij de tekst aan te passen. 

Commentaar van de deskundigen? Albert Schweitzer vindt het helemaal niet mooi wat Bach hier doet, met name over het beginkoor schrijft hij zeer kritisch. De voortdurende herhaling van ‘Es ist dir gesagt, Mensch’ vindt hij op den duur behoorlijk storend. Het is hem dan ook volstrekt onduidelijk waarom onze grote meester het onmogelijke probeert te doen; deze tekst door een koor laten uitvoeren. Het was beter geweest dit als een simpel arioso te laten zingen. Zoals de bas het tweede deel opent, zó had het gemoeten. 

Maarten ‘t Hart zegt dat je de tenor-aria met die tedere strijkersbegeleiding in de romantiserende uitvoering van Ernest Ansermet moet horen, dan kun je amper begrijpen dat Bach geen negentiende-eeuwer was. Inmiddels kunnen we dat weer horen want in 2008 is dit alles op cd uitgebracht.

 

Geraadpleegde bron; Andreas Bomba




 

 





cantates de cantates de cantates de cantates cantates hierna volgt cantate 102>>