nog een cantate voor de zondag na Hemelvaartt (Exaudi)

bwv 183 sie werden euch in den Bann tun


Deze cantate stamt dan weer uit Bach’s eerste jaar te Leipzig, 1724. Blijkens de onmiskenbaar instructieve inhoud van de tekst moet de auteur wel een theoloog geweest zijn. Geen twijfel mogelijk, dezelfde theoloog die de teksten voor BWV 6 en 37 geschreven heeft. Karakteristiek voor zijn gedachtengang is dat hij niet -zoals te doen gebruikelijk- in de slotdelen een relatie met de individuele christen legt, maar daarentegen als een soort van algemene les uit wat voorafging bij wijze van troost na geleden verdriet tot een slotconclusie komt: precies zoals palmen behangen met gewichten juist rechter gaan groeien, zo wordt ook de christen niet beschadigd door enig verdriet. Hebt U het beeld voor ogen? 

Bach buit het contrast in de tekst tussen het leiden en de troost volledig uit. Eerst een indrukwekkende klaagzang waarin vocale en instrumentale solisten zich verenigen tot een quintet waarna een voornamelijk homofoon koraalgedeelte klinkt waarin de woorden 'wer euch totet' beklemtoond worden d.m.v. een expressieve chromatiek. Zowel de nu volgende aria als het koraal (solistisch gezongen) schilderen het door misere bekleedde pad van christenen op deze wereld. Pas na een secco recitatief heeft er een intellectuele verandering plaats. Er volgt dan een aria met een heel ander karakter. Onafhankelijke instrumentale motieven genereren levendige, vreugdevolle bewegingen, die wanneer geconfronteerd met de verbeelding van een meer realistische, meer dreigende atmosfeer, aantonen dat het hier slechts een voorbijgaande bedreiging betreft. 

Ik hoor bij deze cantate - we zijn bij Harnoncourt - eerst slechts een rommelig begin, met een langdurige twijfel of ik dit mooi zal gaan vinden. Het is alles - zoals gezegd - nogal flink in mineur tot uiteindelijk de sopraanaria aanbreekt. Een mooie stem horen we dan die deze keer met name genoemd wordt, het is Peter Jelosits. Maar we moeten blijkbaar niet bij Harnoncourt zijn, ook deze keer niet. We kunnen ons beter tot Karl Richter wenden, dat is pas mooi. 

Misschien aardig om dit keer de tekst eens integraal te publiceren. Ik vond op het internet een mooie vertaling gemaakt door Leo de Leeuw. 



Aria (Duet) [Tenor, Bas] 
Oboe I/II, Fagotto e Continuo 

Ze zullen u in de ban doen. 

Koor [S, A, T, B] 
Oboe I e Violino I all' unisono, Oboe II e Violino II all' unisono, Viola, Fagotto e Continuo 

De tijd komt, 
dat wie u doodt zal menen 
God een dienst te bewijzen.

Aria [Alt] 
Oboe I, Fagotto e Continuo 

Christenen moeten op de aarde 
discipelen van Christus zijn. 
Op hen wachten alle uren 
totdat zij zalig overwonnen zijn 
marteling, ban en zware pijn.

Koraal [Tenor] 
Fagotto e Continuo 

Ach God, menige diepe smart 
overkomt mij in deze tijd. 
De smalle weg die ik moet gaan 
naar de hemel is vol tegenspoed.

Recitatief [Bas] 
Fagotto e Continuo 

De anti-christ, 
dat grote beest, 
probeert te vuur en te zwaard 
de lidmaten van Christus te vervolgen, 
omdat hun leer tegen hem in gaat. 
Hij beeldt zich daarbij ook nog in, 
dat zijn handelen God welgevallig is. 
Alleen: christenen lijken op die palmtakken 
die onder een gewicht des te hoger groeien.
 
Aria [Sopraan] 
Oboe I e Violino I all' unisono, Oboe II e Violino II all' unisono, Viola, Fagotto e Continuo 

Het is en blijft de troost van de christenen 
dat God over zijn kerk waakt.
Want ook als dadelijk de bliksems zich verheffen 
dan zal toch na alle stormen van ellende 
de zon van de vreugde hen toelachen.

Koraal [S, A, T, B] 
Oboe I e Violino I col Soprano, Oboe II e Violino II coll'Alto, Viola col Tenore, Fagotto e Continuo 

Daarom, mijn ziel:
vertrouw alleen op Hem
die u geschapen heeft.
Het mag gaan zoals het gaat,
Uw Vader in de hoge,
Hij weet op alle dingen raad.
   

Vertaling: Leo de Leeuw 










hierna cantate 173 >>  de cantates de cantates de cantates de cantates de ca